Een gesprek voeren, het lijkt zo gewoon. We doen het immers allemaal. Maar praten over gevoelens kan niet iedereen.

Zes gouden praatregels voor boeren en tuinders.

  1. De eerste regel is dat de vragen aan de partner altijd respectvol zijn. Zeg bijvoorbeeld niet iets in de trand van: "Vind je echt dat je nu slim bezig bent?" Maar zeg bijvoorbeeld: "Goh, ik kan me voorstellen dat het moeilijk voor je is, de prijzen zijn ook zo laag (de voeder zijn ook zo duur / de energie is ook zo gestegen). Maar hoe komt het nu dat ....
    Zo ontstaat een opening naar een gesprek over persoonlijke gevoelens.
     
  2. Ga geen oplossingen aandragen. Dat moet iemand zelf doen. De bedoeling van een persoonlijk gesprek is om de warboel in iemands hoofd te ordenen.
    Wat hierbij ook helpt is om alles wat er is gebeurd, eens op te schrijven.
     
  3. Word niet boos, ook niet als de ander u verwijten maakt. Boos worden betekent meestal meteen het einde van het gesprek, omdat de ander dichtklapt of ook boos wordt. Probeer ook duidelijk aan te geven wat het probleem met u zelf doet.
     
  4. Verwacht niet meteen bij de eerste poging resultaat. Vaak duurt het lang voor iemand zich een beetje bloot durft te geven, zelfs als het om uw eigen partner gaat.
    De kans zit echter in dat u als partner niets bereikt. Vooral partners, die op hetzelfde bedrijf werken, zitten vaak te veel in dezelfde situatie om elkaar echt tot praten aan te zetten.
    Het gevaar ligt op de loer dat de ander kregel wordt van al dat gevraag en dat zaak afdoet met : "Mens, wat zaag je nu. je weet toch dat de prijzen slecht zijn?" Een buitenstaander kan in zo'n situatie meer bereiken.
     
  5. Vraag professionele hulp, als u zelf niet verder komt. Dat kan de huisarts zijn, maar een andere vertrouwenspersoon van je partner (huisvriend, familielid, voorlichter, ...) kan u ook helpen. Belangrijk is dat deze vertrouwenspersoon bekend is met de land- en tuinbouwsector. Boeren en tuinders voelen zich immers soms onbegrepen.
    Soms is dat ook terecht. We kennen gevallen waarin boeren naar de psycholoog gingen en als advies kregen: "Neem maar twee weken vakantie" of "Meld je maar ziek". Dat kunnen goede adviezen zijn, maar op een boerenbedrijf zijn ze niet zo simpel op te volgen.
     
  6. De zesde regel is om de opgedane spreekvaardigheid niet te laten versloffen. Het hoeft niet zo zwaarwichtig allemaal, maar door elkaar op de hoogte te houden van het wel en wee, is de kans het kleinst dat er weer stilte valt. Blijf dus in gesprek en vraag regelmatig hoe het met de ander gaat. Komt er geen reactie, geef dan in elk geval aan wat een probleem met u doet. Kleed het aan met uw persoonlijke gevoelens: "Ik maak me zorgen om onze jan, dat ik er nauwelijks van kan slapen. Heb je dat nu ook?"
     
     



Volgende pagina: Contactformulier
Print deze pagina