1.1 Vergunningen en quota
Ook in verband met een aantal immateriële activa, die op een landbouwbedrijf aanwezig zijn, kan je een regeling treffen. Deze regeling zal verschillen naargelang je de onroerende goederen al dan niet overlaat aan een andere landbouwer. De immateriële activa kunnen ook los van de uitbating doorgegeven worden.

1.1.1 Quota
Quota garanderen dat een bepaalde prijs of premie zal kunnen betaald worden voor een product. Voor melk geleverd binnen quotum wordt geen superheffing (bestraffing) toegepast, suikerbieten binnen quotum worden aan een vastgestelde prijs uitbetaald. En als je voor zoogkoeien en ooien over een premiequotum beschikt, wordt een Europese premie uitbetaald.

Overdracht van melkquotum
Melkquotum kan je op verschillende manieren overdragen. De eenvoudigste manier is de overdracht via het Quotumfonds. In dit geval wordt het quotum overgedragen aan een fonds dat dit quotum dan verdeelt over alle kandidaat-kopers.

De vergoeding tegen een vaste prijs hangt af van het referentievetgehalte en de verkoopperiode: Na 1/4/2008 ligt de prijs op 0.1825 per liter. Na 1/4/2010 vermindert dit naar 0.12 euro per liter en in het seizoen 2011-2012 zakt het zelfs verder naar 0.06 euro per liter. Deze vergeodingen zijn vrijgesteld van inkomenstenbelastingen.
Het voordeel is dat er in dit geval geen regeling moet getroffen worden met landbouwers die een deel van de gronden of het volledige bedrijf moeten overnemen

Tip: Het volstaat om tijdig (vóór 30 november) een document in te vullen (te bekomen bij de zuivelfabriek) en dit op te sturen naar het Agentschap voor Landbouw en Visserij , Markt en Inkomensbeheer MIB. (Link)

Melkquota zijn ook definitief overdraagbaar, hetzij via eerste installatie, hetzij via familie verwantschap, hetzij via 'overdracht tussen derden'. Een overdracht zonder samenvoeging van quota (eerste installatie) is mogelijk bij een 'overname' of een 'oprichting' van een bedrijf. Bij samenvoeging van quota (overdracht in cumul genoemd) moeten de producent-overlater en de producent-overnemer eerste of tweedegraadsverwanten of echtgenoten zijn of moet er minimaal 40% van het over te laten quotum worden vrijgemaakt aan het Quotumfonds.

Voor meer info verwijzen we door naar de website van het ministerie van Landbouw en Visserij.

Een tweede manier om melkquotum over te laten kan zijn de grondgebonden overdrachten van melkquota (mobiliteiten). Deze overdrachten zijn verbonden aan de "30 km-zone regel". De oppervlakte die je via verkoop, verpachting of pachtoverdracht moet overlaten, stemt overeen met 1 ha per 20.000 liter. Deze grondoverdracht moet gebeuren voor minstens 9 jaar en wordt bij de overnemer gecontroleerd via zijn oppervlakte-aangifte voor bedrijfstoeslag.

Tip: Ook hier is de uiterste inleveringsdatum van het quotumdossier 30 november.

Een derde manier om melkquotum over te laten is de meest omvattende. In dat geval laat je het volledige bedrijf over aan een landbouwer die zich voor de eerste maal vestigt en dus zelf nog geen melkquotum heeft. De overdracht van het melkquotum zal hier slechts een beperkt onderdeel zijn van een volledige bedrijfsovername die in zijn geheel goed begeleid moet worden. Ook in dit geval moet de overnemer het bedrijf minstens gedurende 9 jaar blijven uitbaten.

Tip: De uiterste inleveringsdatum van het quotumdossier is hier evenwel 31 december!

Opgelet: Quotum overlaten kan in principe alleen wanneer er tijdens de 2 vorige campagnes melk werd geleverd of thuis verkocht. Als overlater mag je na de overlating in de regel geen quotum meer overnemen gedurende de volgende 2 campagnes.

Opgelet: De overdracht van melkquotum aan het quotumfonds of aan een afstammeling (kinderen of kleinkinderen) samen met het volledige bedrijf is gedefiscaliseerd.


Overdracht van suikerbietenquotum

Suikerbietentelers kregen in 1986 een quotum op basis van hun leveringen van de vorige jaren. Sindsdien gelden ook hier een aantal regels in verband met de overdracht van deze leveringsrechten.

Het principe is, dat er normaal bij grondoverdracht een quotumoverdracht plaatsvindt tussen de overlater en de overnemer van de grond. Hierbij moet rekening worden gehouden met het gemiddeld quotum per ha akkergrond,het zogenaamde `kwalitatief'. (Dit betekent dat maximum 1/3 van de totale teeltoppervlakte mag voorzien worden om suikerbieten te telen.)

Als beide partijen akkoord zijn over de over te laten gronden komen zij ook het percentage (0­100%) van het `kwalitatief' van de overlater overeen, dat hier aangekoppeld wordt. Naargelang de streek of de suikerfabriek kan maximaal 18 of 20 ton (suikerbieten) per ha worden overgedragen. Anderzijds mag na een overdracht het kwalitatief van de overlater evenmin deze grenzen overschrijden; met andere woorden de overlater mag nog steeds niet meer dan 1/3 van zijn totale oppervlakte voorzien om suikerbieten te telen.

Bekom je als overlater geen akkoord met de overnemer van de gronden dan zal de overnemer de grondoverdracht melden (aan de vertegenwoordiger van desuikerfabriek in jouw streek). In dat geval zal van de overlater van de grond suikerbietenquotum worden afgenomen en toebedeeld aan de overnemer. Ook hier gelden minima en maxima. Aan de (gedwongen) overlater wordt een ver-goeding van 1000 bef (24,79 e ) per ton quotum (= suiker) toegekend.

Overdracht van suikerbietenquotum verloopt via de fabriekscomités. Via de suikerfabriek, of plantersverenigingen bekom je de nodige formulieren.

De overdracht van premiequota
Op veel landbouwbedrijven is er een bedrijfstoeslag. De toeslagrechten kunnen ook overgedragen worden. Er zijn 3 types van overdracht van toeslagrechten mogelijk:
  • Definitieve overdracht van toeslagrechten zonder gelijktijdige verkoop van grond.
  • Definitieve overdracht van toeslagrechten met gelijktijdige verkoop van grond
  • Tijdelijke overdracht van toeslagrechten met gelijktijdige verhuur van grond.
Ook premierechten voor zoogkoeien kunnen in de loop van de maand februari worden overgedragen tussen landbouwers.

Voor informatie over het overdragen van toeslagrechten en zoogkoeienpremies kan u terecht op de website van het ministerie van Landbouw en Visserij.

De provinciale buitendiensten van het Agentschap voor Landbouw en Visserij , Markt en Inkomensbeheer MIB zijn de bevoegde administraties om deze overdrachten af te handelen. (Link)

1.1.2 Vergunningen

Onder vergunningen verstaan we administratieve toelatingen om een bedrijf te exploiteren. In de landbouw zijn dit de milieuvergunningen, grondwatervergunningen en de nutriëntenhalte. De overdracht van deze vergunningen heeft slechts zin als je het bedrijf overlaat (verkoop of verhuur) met het oog op verdere uitbating ervan.

De overdracht van de milieuvergunning gebeurt via een meldingsprocedure bij de administratieve overheid, die bevoegd is voor de aflevering van deze vergunning. Dit is de gemeente voor een vergunning klasse 2 en de provincie (Bestendige Deputatie) voor een vergunning klasse 1. Voor klasse 3 bedrijven geldt alleen een meldingsplicht aan de gemeente. De melding moet gebeuren, vóór de overdracht van het bedrijf.

Als je op je bedrijf beschikt over een grondwaterwinning (put, pomp), ben je in principe in het bezit van een vergunning. Een vergunning met een capaciteit van minder dan 30.000 m3 per jaar wordt normaal gezien verleend door het College van Burgemeester en Schepenen van je gemeente. De overdracht van deze vergunning moet je dan ook bij de gemeentelijke administratie melden.

Sinds de invoering van map 2bis, beschikt elke veehouder over mestrechten (vroeger Nutriëntenhalte, in 2008 NutrientenEmissieRechten (NERS). Deze is aan de inrichting gekoppeld en kan dus slechts samen met het bedrijf overgelaten worden. Een uitzondering hierop is in geval van overlating van melkquotum buiten het fonds (dus aan verwanten in eerste graad).

Logo Boeren op een Kruispunt vzw

vzw Boeren op een kruispunt

Brochure: Stoppen met Boeren

Laatste update: 2009
Klik hier voor uw vragen of opmerkingen.
Print deze pagina