Sociale zekerheid Hoofdstuk 4


4.1.Hoe blijf ik in orde met mijn sociaal statuut?
Opgelet:Als zelfstandige moet je de stopzetting van je activiteit binnen de 15 dagen meedelen aan je sociale zekerheidskas en daarover een officieel bewijsstuk indienen : namelijk de aanvraag tot doorhaling van het ondernemingsnummer. Daarnaast moet er ook altijd een verklaring op eer ingevuld worden.

4.1.1.Bij ziekte kan je rekenen op een arbeidsongeschiktheids-verzekering.
Uitkeringen
Bij ziekte kan je de dagvergoeding aanvragen bij het ziekenfonds. Indien je arbeidsongeschikt erkend bent, heb je recht op een uitkering vanaf de 2e maand ongeschiktheid. Vanaf de 13e maand arbeidsongeschiktheid ben je dan op invaliditeit. De dagvergoeding stijgt, wanneer je tijdens de invaliditeit ook het bedrijf stopzet. Zet je enkel je persoonlijk activiteit stop, maar blijft het bedrijf wel op jouw naam staan, dan krijg je tijdens de invailiditeit verder dezelfde uitkering als tijdens het eerste jaar van ongeschiktheid. Doe je dit niet binnen de 28 dagen, dan houdt het ziekenfonds 10% van de vervallen uitkering in.

Tabel 6 biedt een overzicht.

Tabel 6 Dagvergoeding bij arbeidsongeschiktheid, naar statuut en duur van de arbeidsongeschiktheid (bedragen geldig in 2011)
Arbeidsongeschiktheid (vanaf de 2e maand)Per dagPer maand (26 dagen)
Gezinshoofd49,35 €1283,10 €
Alleenstaande37,84 €983,84 €
Samenwonende30,84 €801,84 €
Invaliditeit zonder stopzetting van het zelfstandig beroepPer dagPer maand (26 dagen)
Gezinshoofd zonder hulp van derden49,35 €1283,10 €
Alleenstaande zonder hulp van derden37,84 €983,84 €
Samenwonende zonder hulp van derden30,84 €801,84 €
Invaliditeit en stopzetting van het zelfstandig beroepPer dagPer maand (26 dagen)
Gezinshoofd zonder hulp van derden50,25 €1306,50 €
Alleenstaande zonder hulp van derden40,21 €1045,46 €
Samenwonende zonder hulp van derden34,48 €896,48 €

Tijdens het eerste jaar van de ongeschiktheid heb je recht op een uitkering indien je niet in staat bent je vroegere beroepsactiviteit uit te oefenen. Vanaf de 13de maand van ongeschiktheid (periode van invaliditeit) worden de voorwaarden strenger. Je moet niet alleen ongeschikt zijn om je vroegere activiteit uit te oefenen, bovendien moet je ongeschikt zijn om het even welke beroepsbezigheid uit te oefenen die men je billijkerwijze kan opleggen.
Om dit te beoordelen zal men rekening houden met je gezondheid, je beroepsopleiding, je leeftijd en je stand.

Nuttige aanvragen
  • Indien je het bedrijf stopzet, kan je de `gelijkstelling wegens ziekte' aanvragen bij jouw sociaal verzekeringsfonds. Hierdoor blijf je gerechtigd op kinderbijslag, ziekteverzekering en pensioen zonder sociale bijdragen te betalen. Behoud je het bedrijf en laat je de taken door een derde uitvoeren, dan kan je wel de dagvergoeding bij het ziekenfonds aanvragen, maar niet de gelijkstelling wegens ziekte. In dit geval moet je dus wel sociale bijdragen blijven betalen.
  • Word je als gezinshoofd arbeidsongeschikt en heb je minstens 1 kind tenlaste, dan heb je vanaf de 7e maand arbeidsongeschiktheid recht op verhoogd kindergeld. De aanvraag hiervoor doe je bij je sociaal verzekeringsfonds.
Goed om te weten:
  • Term: Samenwonende
    De term 'Samenwonende'heeft voor de ziekte en invaliditeitsuitkering een andere betekenis, dan in het courante taalgebruik.
    In de omgangstaal staat 'Samenwonende' voor: met iemand samenwonen zonder dat er een huwelijksband is.
    Voor de ziekte en invaliditeitsverzekering betekent 'Samenwonende' met iemand samenwonen, die een inkomen heeft dat hoger is dan een wettelijk bepaald bedrag. Of men al dan niet gehuwd is, speelt hierbij geen rol.
  • Inkomen partner: wijzigingen onmiddellijk melden.
    Als het inkomen van de partner wijzigt, is het mogelijk dat de uitkering moet herberekend worden. Daarom dient elke wijziging onmiddellijk aan het ziekenfonds te worden gemeld. Indien det laattijdig gebeurt, kan dat een terugvordering of bijbetaling van uitkeringen tot gevolg hebben.
Aanverwante voordelen
Aanverwante voordelen waar je als arbeidsongeschikte eventueel aanspraak kan op maken zijn:
  • vrijstelling kijk- en luistergeld;
  • sociaal telefoontarief voor gehandicapten en voor personen ouder dan 65 jaar, sociaal tarief voor gas en electriciteit voor mensen met een handicap, een bestaansminimum of een gewaarborgd inkomen voor bejaarden;
  • vrijstelling van verkeersbelasting op autovoertuigen voor gehandicapten;
  • vrijstelling van btw op de verkoopprijs van autovoertuigen voor gehandicapten;
  • vrijstelling van de inschrijvingstaks op tweedehandswagens;
  • verminderd tarief voor het openbaar vervoer, voor mensen met een handicap of personen met een wigw -statuut;
  • speciale parkeerkaart voor mensen met een handicap.
Tip: Deze aanverwante voordelen hebben elk hun eigen voorwaarden. Meer informatie hierover kan je bekomen bij jouw ziekenfonds.

wigw-statuut
wigw staat voor weduwen of weduwnaars, invaliden, gepensioneerden enwezen. De `wigw ' en de personen ten laste kunnen in de ziekteverzekering genieten van de `verhoogde tegemoetkoming'. Dit heeft tot gevolg dat ze voor bepaalde kosten van geneeskundige zorgen meer terugkrijgen van het ziekenfonds. Het gezinsinkomen mag echter niet hoger liggen dan 15 672.71 € bruto per jaar, verhoogd met 2 901.44 € per persoon ten laste. Naast de wigw 's hebben sinds 1 juli 1997 een aantal andere personen ook recht op de verhoogde tegemoetkomingen, zoals:
  • gerechtigden op het bestaansminimum en hun personen ten laste;
  • gerechtigden op andere financiλle steun van het ocmw ;
  • gerechtigden op het gewaarborgd inkomen voor bejaarden;
  • gerechtigden op de tegemoetkoming aan gehandicapten;
  • gerechtigde kinderen die recht geven op verhoogde kinderbijslag.

Omnio-statuut
Vanaf 1 juli 2007 is er ook het Omnio-statuur voor actieve zelfstandigen, die geen WIGW-statuut hebben. De grensbedragen zijn voor 2012 hiervoor 15.606.71 € voor het gezinsinkomen , plus 2 889.22 € per persoon ten laste

Wat is het Omnio statuut?
Medische kosten kunnen het gezinsbudget zwaar belasten, vooral bij mensen met een laag inkomen of personen, die moeten leven van een sociale uitkering. Ons sociaal zekerheidssysteem voorziet indat geval een verhoogde terugbetaling. Concreet moeten die mensen minder remgeld betalen. Dat geldt voor sommige geneesmiddelen, bij een bezoek aan dokter, tandarts, kinesitherapeut of andere zorgverleners en bij opname in het ziekenhuis. Het systeem van betalende derde kan worden toegepast, wat betekent dat de zorgverlener rechtstreeks met het ziekenfonds afrekent.
Wat moet u doen?
Indien u denkt dat u in aanmerking komt voor het Omnio-statuut, kunt u gratis contact opnemen met uw consulent van uw ziekenfonds. Bij de aanvraag moet u ook een kopie voegen van uw laatste aanslagbiljet en van de inkomensbewijzen (vorig jaar) van alle gezinsleden (bv loonfiches, fiches 281.10, lijst van alle openstaande facturen, )


Tegemoetkomingen aan gehandicapten
Wie minstens 66% werkonbekwaam is, kan een inkomensvervangende tegemoetkoming aanvragen bij het ministerie van Sociale Voorzorg. Wie zich niet kan behelpen zonder bijzondere inspanningen, hulpmiddelen of de hulp van derden kan bovenop deze tegemoetkoming een beroep doen op de integratie-tegemoetkoming. Het is voor deze tegemoetkoming niet vereist dat je je arbeid stopzet. De erkenningsvoorwaarden op medisch gebied zijn bovendien minder streng dan in de ziekteverzekering. Deze tegemoetkomingen zijn te combineren met een uitkering van het ziekenfonds en kunnen aangevraagd worden op het gemeentehuis.

4.1.2.Stopzetting naar aanleiding van pensioen
De pensoenleeftijd voor mannen en vrouwen is 65 jaar. De pensioenleeftijd voor vrouwen werd geleidelijk opgetrokken van 60 jaar naar 65 jaar. Sinds 2009 is de pensioenleeftijd voor de vrouw dus ook 65 jaar.

Vanaf 1 september 2011 zijn de brutobedragen per maand van het gewaarborgd minimumpensioen voor zelfstandigen, er als volgt uit:


Rustpensioen van alleenstaande 1 007,14 Euro
Rustpensioen 1 310,32 Euro


Je pensioen wordt berekend op basis van je loopbaan. Een volledige loopbaan is verworven na 45 jaar activiteit, eventueel op basis van een gemengde loopbaan (bijvoorbeeld werknemer + zelfstandige). Ook zonder een volledige loopbaan kan je op 65 jaar met pensioen gaan, maar dan ligt het pensioenbedrag uiteraard lager. In de meeste gevallen heb je recht op het minimumpensioen in verhouding tot de loopbaan. Bij een volledige loopbaan van 45 jaar heb je recht op het volledige pensioenbedrag, bij een loopbaan van bijvoorbeeld 40 jaar heb je recht op 40/45 van het minimumpensioen.

Vervroegd pensioen is mogelijk vanaf 60 jaar op voorwaarde dat je minstens 35 jaar hebt gewerkt. Kom je niet aan die 35 jaren, dan moet je wachten tot 65 om op pensioen te kunnen gaan.
Door vervroegd op pensioen te gaan verlies je niet alleen een aantal jaren in je loopbaan. In het stelsel der zelfstandigen geldt nog altijd een procentuele vermindering per jaar vervroeging. Tot en met 2006 bedroeg de vermindering 5% per jaar vervroeging. Sedert 2007 hangt het verminderingspercentage echter af van de gekozen pensioenleeftijd. Hoe langer je actief blijft, hoe lager het percentage

Tabel : Verminderingspercentages.
PensioenleeftijdTotale vermindering
60 jaar25%
61 jaar18%
62 jaar12%
63 jaar7%
64 jaar3%
65 jaargeen vermindering
Vervroegd pensioen zonder vermindering

Iedere zelfstandige die een loopbaan van 42 jaren bewijst, kan vervroegd met pensioen gaan zonder dat zijn pensioen verminderd wordt.

Tellen mee: de loopbaanjaren als zelfstandige die minstens 2 pensioenvormende kwartalen omvatten en de jaren als werknemer of ambtenaar die minstens 1/3 van een voltijdse tewerkstelling omvatten. Een kalenderjaar wordt slechts in aanmerking genomen voor ιιn loopbaanjaar, ook indien de pensioenaanvrager in dat jaar zowel werknemer als zelfstandige was en dus twee geldige loopbaanjaren bewijst.

Het jaar waarin het pensioen ingaat, telt ook mee als de voorwaarden vervuld zijn. Voor een zelfstandige kan dat maar als hij op 1 juli of later met pensioen gaat. Let wel op: dit jaar telt nooit mee voor de berekening van het pensioen.


Maar vanaf een bepaalde loopbaan, kan je vervroegd met pensioen gaan zonder vermindering en dit ongeacht de leeftijd! Sedert 2009 volstaat een loopbaan van 42 jaren. Als je in de loop van 2009 62 jaar wordt en beroepsactief was vanaf je 20e, kom je aan een loopbaan van 42/45. Je pensioen zal dus niet verminderd worden met 12%, het percentage dat normaal van toepassing is op 62 jaar. Het bedrag van je pensioen zal uiteraard wel lager liggen dan een pensioen op 65 jaar omdat je 3 jaren minder lang werkt.

Als je op 65 jaar op pensioen gaat, moet je je pensioen niet zelf meer aanvragen. De pensioendienst onderzoekt automatisch je pensioenrecht. Je wordt hiervan trouwens 15 maanden voor je 65ste verjaardag per brief verwittigt. Alleen wanneer je voor of na je 65ste op pensioen wil gaan, is een aanvraag nodig. U kan die aanvraag ιιn jaar op voorhand doen via het gemeentehuis. In de toekomst kan je je pensioen ook elektronisch aanvragen via de site van de FOD Sociale Zekerheid. De afwerking van een pensioendossier neemt maximum ongeveer 1 jaar in beslag.

Info: de pensioendienst van uw ziekenfonds kan u helpen bij het uitrekenen wat u als pensioen kan verwachten, of u kan rekenen op een verhoogde tegemoetkoming (Inkomensgarantie voor Ouderen: IGO) en wat voor u de beste oplossing kan zijn. Deze dienstverlening gebeurt in uiterste discretie. Stap dus eens binnen bij het plaatselijk kantoor van uw ziekenfonds.

Zowel de gepensioneerde als zijn echtgenote mogen nog een toegelaten activiteit uitoefenen.
Deze is echter wel beperkt tot een maximum beroepsinkomen (zie tabel 4). Als je zelf deze maximum grens overschrijdt met minder dan 15%, wordt het pensioen verminderd met het percentage van overschrijding. Bij een overschrijding van 15% of meer, wordt het pensioen volledig geschorst. Is het je echtgenote die teveel verdient, dan heb je enkel recht op een pensioen als alleenstaande. Tabel 4 geeft een overzicht van wat je mag bijverdienen als gepensioneerde. Het bedrag verschilt naargelang je voor of na 65 actief bent en of je al dan niet nog kinderen ten laste hebt.

Tabel 4
Toegelaten beroepsinkomen voor 65 jaar (cijfers 2009) zelfstandige (netto belastbaar)
Rustpensioen zonder kinderlast € 5 937,26
Rustpensioen met kinderlast € 8 905,89
Toegelaten beroepsinkomen vanaf 65 jaar (cijfers 2009) zelfstandige (netto belastbaar)
Rustpensioen zonder kinderlast € 17 149,19
Rustpensioen met kinderlast € 20 859,98
Bij uitoefening van een toegelaten activiteit moet je een bijdrage betalen (zietabel 5).

Tabel 5 Maximum sociale bijdrage per kwartaal voor gepensioneerden met toegelaten beroepsinkomen in 2009
Statuut Maximale sociale bijdrage
Vervroegd rustpensioen zonder kinderlast 224,86
Vervroegd rustpensioen met kinderlast 337,27
Vanaf 65 jaar zonder kinderlast 649,45
Vanaf 65 jaar met kinderlast 789,99

Deze maximum bijdragen gelden voor gepensioneerden die zich houden aan het toegelaten beroepsinkomen. Indien het inkomen van 3 jaar geleden lager ligt dan het toegelaten bedrag, dan ligt ook de sociale bijdrage lager.

Tip: Indien je echtgeno(o)t(e) helpt bij jouw beroepsactiviteit, dan mag je haar/hem in de belastingaangifte een winstdeel toekennen. Dit mag ook na het pensioen. Dit winstaandeel wordt dan beschouwd als een eigen inkomen van de echtgeno(o)t(e) en niet als een inkomen van de gepensioneerde. Hierdoor kan je dus (samen) meer verdienen dan de toegelaten grens.

Er is vrijstelling van bijdragen als je minder dan 2 393,75 € per jaar netto-inkomen haalt uit de toegelaten activiteit. Er is evenmin een bijdrage verschuldigd voor land- en tuinbouwactiviteiten die een bepaalde oppervlakte niet overschrijden. De bewerkte gronden mogen dan niet groter zijn dan:
  • 1 ha landbouwgrond, maai- of grasweide;
  • 35 a gewone boomgaard;
  • 15 a intensieve boomgaard;
  • 15 a groenten, tabak, hop of geneeskrachtige planten;
  • 12,5 a boomkwekerij of rijshout;
  • 10 a witloof;
  • 3 a bloemen en sierplanten;
  • 200m2 serres.
Opgelet: Het is verplicht om aangifte te doen van de toegelaten activiteit. Doe je dit niet, dan word je pensioen gedurende een maand geschorst.
Indien je geen toegelaten activiteit na pensioen uitoefent, is er geen sociale bijdrage meer verschuldigd. Je bent sociaal verzekerd op grond van de uitbetaling van je pensioen.

4.1.3.Stopzetting naar aanleiding van overlijden
Indien de zelfstandige overlijdt, is er in principe recht op overlevingspensioen voor de weduwe/weduwnaar. Ook is er recht op wezenbijslag. De langstlevende echtgenoot wordt altijd begeleid door het sociaal verzekeringsfonds voor de afhandeling van het dossier.

De weduwe/weduwnaar heeft de mogelijkheid om het bedrijf op haar/zijn naam te zetten of om het bedrijf over te laten. De beroepsinkomsten moeten beperkt worden om het recht op overlevingspensioen te behouden. Door zelf het bedrijf gedurende een aantal jaren uit te baten, wordt een eigen loopbaan gevormd met recht op een eigen rustpensioen.

Als je als weduwe/weduwnaar een overlevingspensioen ontvangt, dan kan je een aanvraag doen om vrijstelling of vermindering van sociale bijdrage te bekomen.
Om vrijstelling te bekomen moet het inkomen van 3 jaar terug kleiner zijn dan 1 196,88 € per jaar.
Is dit inkomen hoger dan 1 196,88 €, maar kleiner dan 5 667,12 €, dan kom je in aanmerking voor verminderde sociale bijdragen. Deze bedraagt minstens 74,14 € en maximaal 351,07 € per kwartaal.
Is het inkomen te hoog, dan is een volledige sociale bijdrage verschuldigd. De betaling van deze bijdrage leidt ook tot een volledige sociale verzekering.

Opgelet: Een weduwe met beperkte inkomsten heeft recht op het wigw -statuut.

Logo Boeren op een Kruispunt vzw

vzw Boeren op een kruispunt

Brochure: Stoppen met Boeren

Laatste update:juli 2010

Klik hier voor uw vragen of opmerkingen.
Externe links:
Print deze pagina