Bescherming van de woning van de zelfstandige.

De wetgever heeft geoordeeld dat hij aan de zelfstandige ondernemer een extra middel moest bieden om zijn persoonlijk risico te beperken.

Deze beschermingsregeling geldt in principe voor álle zelfstandigen. Dit zijn al diegenen die een beroepsactiviteit in hoofdberoep uitoefenen en niet door een arbeidsovereenkomst of een statuut verbonden zijn. Het betreft hier zeker alle eenmanszaken en vrije beroepen. De vraag of hieronder ook bestuurders en zaakvoerders van vennootschappen vallen is minder duidelijk bij een lezing van de tekst van de wet en de parlementaire werken.

Hoewel dit wellicht niet de bedoeling was van de wetgever, worden bestuurders en zaakvoerders van vennootschappen niet uitdrukkelijk uitgesloten door de wet en zouden zij dus eveneens kunnen genieten van de beschermingsregeling. De beschermingsregeling geldt voor de hoofdverblijfplaats van de zelfstandige. Dit is het onroerend goed waar hij met zijn gezin of als alleenstaande gewoonlijk leeft.

Indien het onroerend goed waarin de zelfstandige woont eveneens wordt gebruikt voor zijn zelfstandige activiteit geldt de volgende regeling:
  • als de oppervlakte van het gedeelte dat bestemd is voor professioneel gebruik minder dan 30% van de totale oppervlakte van het onroerend goed inneemt, dan kunnen de rechten op de totaliteit van het onroerend goed onbeslagbaar worden verklaard.
  • als de oppervlakte van het gedeelte bestemd voor professioneel gebruik 30% of meer van de totale oppervlakte van het onroerend goed inneemt, kunnen enkel de rechten op het gedeelte dat bestemd is voor de hoofdverblijfplaats onbeslagbaar worden verklaard mits de voorafgaande opstelling van de statuten inzake mede-eigendom.
Om de onbeslagbaarheid van zijn woning tegenstelbaar te maken aan derden dient de zelfstandige bij de notaris van zijn keuze een verklaring van onbeslagbaarheid te verlijden, die vervolgens wordt ingeschreven in het daartoe bestemde register op het hypotheekkantoor.

Deze regel is in praktijk echter weinig bruikbaar:
Belangrijk hierbij is dat de wet voorziet dat de verklaring enkel tegenstelbaar ten aanzien van de schuldeisers van wie de schuldvorderingen ná voormelde inschrijving is ontstaan. Indien men vandaag reeds een schuld heeft, kan men zijn woning niet veilig stellen voor beslag door nu nog snel een verklaring bij de notaris af te leggen.

De regeling biedt enkel bescherming voor professionele schulden (t.a.v. leveranciers, banken, RSZ, BTW…). De wet biedt geen bescherming tegen schulden naar aanleiding van een misdrijf (zelfs indien in een professioneel kader), noch ten aanzien van privéschulden, noch schulden van gemengde aard (privé-professioneel). De wet biedt ook geen bescherming indien bestuurders of zaakvoerders van een vennootschap aansprakelijk wordt gesteld voor betaling van sociale achterstallen in geval van faillissement na grove fout (o.m. fiscale fraude) van de bestuurder of zaakvoerder.

De beschermingsregeling vervalt indien met verandert van statuut, behalve indien men zijn statuut van zelfstandige verliest als gevolg van een faillissement.

Ingeval van verkoop van de woning waarop de bescherming slaat blijft de verkoopsprijs beschermd indien men binnen het jaar de verkoopprijs wederbelegt in een ander onroerend goed, dat op haar beurt onbeslagbaar wordt (mits inschrijving van de verklaring van wederbelegging en inschrijving in het register op het hypotheekkantoor). In die tussentijd wordt deze verkoopprijs door de notaris voor wie de verklaring werd gedaan bewaard.

Voor bijkomende inlichtingen neemt u best contact op de juridische diensten van uw landbouworganisatie.

Regels rond beslag: wat kan en wat kan niet?
Juridische uitleg op www.tussenstap.be

      

Verder