woensdag , juni , 26 2019

Pas wanneer je leert te luisteren,om te begrijpen in plaats van te luisteren om te reageren, ontstaat er echt contact.

Zes gouden praatregels voor boeren en tuinders

  1. De eerste regel is dat de vragen aan de partner altijd respectvol zijn. Zeg bijvoorbeeld niet iets zoals: "Vind je echt dat je nu slim bezig bent?". Maar zeg bijvoorbeeld: "Goh, ik kan me voorstellen dat het moeilijk voor je is, de prijzen zijn ook zo laag (de voeders zijn ook zo duur / de energie is ook zo gestegen). Maar hoe komt het nu dat...
    Zo ontstaat een opening naar een gesprek over persoonlijke gevoelens.
  2. Ga geen oplossingen aandragen. Dat moet iemand zelf doen. De bedoeling van een persoonlijk gesprek is om de warboel in iemands hoofd te ordenen.
    Wat hierbij ook helpt is om alles wat er gebeurd is op te schrijven.
  3. Word niet boos, ook niet als de ander je verwijten maakt. Boos worden betekent meestal meteen het einde van het gesprek, omdat de ander dichtklapt of ook boos wordt. Probeer ook duidelijk aan te geven wat het probleem met jezelf doet.
  4. Verwacht niet meteen bij de eerste poging resultaat. Vaak duurt het lang voor iemand zich een beetje bloot durft te geven, zelfs als het om je eigen partner gaat.
    De kans zit echter in dat je als partner niets bereikt. Vooral partners, die op hetzelfde bedrijf werken, zitten vaak te veel in dezelfde situatie om elkaar echt tot praten aan te zetten.
    Het gevaar ligt op de loer dat de ander kregel wordt van al dat gevraag en dat vaak afdoet met: "Mens, wat zaag je nu, je weet toch dat de prijzen slecht zijn?" Een buitenstaander kan in zo'n situatie meer bereiken.
  5. Vraag professionele hulp, als je zelf niet verder komt. Dat kan de huisarts zijn, maar ook een andere vertrouwenspersoon van je partner (huisvriend, familielid, voorlichter, ...) kan je helpen. Belangrijk is dat deze vertrouwenspersoon bekend is met de land- en tuinbouwsector. Boeren en tuinders voelen zich immers soms onbegrepen.
    Soms is dat ook terecht. We kennen gevallen waarin boeren naar de psycholoog gingen en als advies kregen: "Neem maar twee weken vakantie" of "Meld je maar ziek". Dat kunnen goede adviezen zijn, maar op een boerenbedrijf zijn ze niet zo simpel op te volgen.
  6. De zesde regel is om de opgedane spreekvaardigheid niet te laten versloffen. Het hoeft niet zo zwaarwichtig allemaal, maar door elkaar op de hoogte te houden van het wel en wee, is de kans het kleinst dat er weer stilte valt. Blijf dus in gesprek en vraag regelmatig hoe het met de ander gaat. Komt er geen reactie, geef dan in elk geval aan wat een probleem met je doet. Kleed het aan met jouw persoonlijke gevoelens: "Ik maak me zorgen om onze Jan, dat ik er nauwelijks van kan slapen. Heb je dat nu ook?"
Top